De Tang van Hesperange

De Tang van Hesperange

Het hertogendom Luxemburg kent ook een aantal ijskoninginnen. Maak kennis met de Tang van Hesperange. (Of: De Schroef van Hesperange). Deze 60-nogwat oude poederdoos regeert over een camping aan de rand van Luxemburg stad en tyranniseert nietsvermoedende fietstoeristen.

Tijdens het inchecken vraagt de Tang om mijn adresgegevens. “Kerkwijk 32… Ber…” begin ik met antwoorden. “Ne, ne, ne. Zu erst die Postleitzahl!”. Oke dan, eerst de postcode. Sorry hoor.

Afsluitend vraag ik met een vriendelijk gezicht of ze nog een exemplaar van de toeristische kaart van Luxemburg heeft, die mooi bij de balie hangt. “Ne, ne, die hab’ ich nicht…… Die hab’ ich kaufen mussen!…. Monsieur!”. Eh, wat de bliep. Oké, dan niet. Stomme tang.

Na het tandenpoetsen leg ik de batterypack aan de oplader in het sanitairgebouw. We hebben weinig zon gehad, dus het zonnepaneeltje had het moeilijk. Een nachtje netstroom is wel even lekker, want we gebruiken de navigatie op de telefoon veel op het dichte wegennet.

Vroeg in de ochtend is de batterypack weg. “Mer nondejuu”. Hmmm, het zou me niets verbazen als de Tang ‘m heeft weggepakt. Op naar de receptie. Die is open, want de blauwe BMW cabrio van de eigenaresse staat ervoor geparkeerd.

“Morgen! Ich suche mein Batterypack. Hab’ den letzte Nacht….”. De Tang onderbreekt me abrupt. “Warum machst du das!?”. Ik antwoord: “Euhhhhh?”. De Tang herhaalt: “Warum machst du das!?”. Wat is dit voor vraag? “Ich brauche Strom fur mein Handy”. De Tang vervolgt het kruisverhoor weer met: “Ja, aber warum machst du das!?”. “Das ist gefährlich! Menschen klauen das!”. Oh, wat heb ik nu toch weer aan m’n fiets hangen. Waarom spreekt deze vrouw me aan alsof ik debiel ben. Ik ben hier te gast, toch? En waarom zit ze om 8 uur in de ochtend al zo dik in de make-up? “Das ist gefährlich fur die Haut, so viel make-up” denk ik.

Als ik weer buiten sta met m’n batterypack moet ik glimlachen. Wat een apart gesprek was dat. Later op de fiets hebben we veel lol als ik de Tang immiteer met Sarah als slachtoffer.

Onderweg naar Ettelbruck is een Baustelle. Twee bejaarde wielrenners bieden aan ons een alternatieve weg te wijzen. Vol bravour sjeezen de krasse knarren voor ons uit. Als we aangeven dat we nog naar Sankt Vith willen, verklaren ze ons voor gek. Zelfs met onze elektrische fietsen is dat te ver, vindt een man stellig. We denken dat ‘ie een grapje maakt. Als hij door heeft dat het geen elektrische fietsen zijn, stelt ‘ie voor dat we nog altijd de trein kunnen pakken. Dan stelt zijn maat ‘m gerust. Ze komen van ver, dus dan zal dit ook wel lukken.

En zo is ‘t. Inmiddels zijn we in Nederland. We liggen in Stokhem onder aan de Keutenberg bij de Geul. Gisteren hebben we er zonder al te veel moeite 130 kilometer uitgepoept. Van Wiltz in Luxemberg via Sankt Vith in België voorbij Monschau in Duitsland. Onderweg nog een lekke band geplakt, Kaffee mit Kuchen gepakt en een Drehspies mit Pommes naar binnen gewerkt. Bam. We zijn in topvorm.

Jammer dat het er bijna opzit, maar het is ook goed om na 3 maanden weer te integreren in de maatschappij. En dan is het afwachten tot de volgende reis.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.